
🕒Leestijd ongeveer 4 minuten
NMO publiceerde vorige week de Audiomonitor 2026. Het onderzoek brengt het volledige Nederlandse audiolandschap in kaart. Het gaat om live radio, muziekdiensten, podcasts, eigen muziek, YouTube en luisterboeken. De uitkomst is op hoofdlijnen glashelder. Audio is een dagelijks massamedium en live radio is nog altijd veruit de grootste speler. Onder de oppervlakte verschuift er wel het nodige, vooral bij jongeren en in het weekend.
Dagelijks 10,5 miljoen luisteraars
Op een gemiddelde dag luisteren 10,5 miljoen Nederlanders van 13 jaar en ouder naar een vorm van audio. Dat is ruim twee derde van de bevolking. Live radio bereikt dagelijks 48% van de Nederlanders, goed voor ruim 7,3 miljoen mensen. Muziekdiensten zoals Spotify komen uit op 26%, ofwel ruim 4 miljoen luisteraars. Uitgesteld luisteren en podcasts bereiken samen 5%. Eigen muziek en YouTube volgen met elk 3%, luisterboeken met 2%.
Kijk je naar de totale luistertijd, dan is het beeld nog uitgesprokener. Live radio is goed voor 66% van alle luisterminuten. Muziekdiensten nemen 25% voor hun rekening. Alle andere vormen samen blijven steken op 9%. Bij reclamedragende audio is de dominantie van radio nog groter. Bijna 9 op de 10 beluisterde reclameminuten komen van live radio (89%).
Leeftijd maakt het grote verschil
Achter die gemiddelden gaan grote verschillen schuil. Bij 50-plussers is live radio goed voor 83% van de luistertijd. Muziekdiensten komen in die groep niet verder dan 11%. Bij Nederlanders van 13 tot 34 jaar is de verhouding omgekeerd. Zij besteden 50% van hun luistertijd aan muziekdiensten en 41% aan live radio. De groep van 35 tot 49 jaar zit daar met 61% radio tussenin.
Ook sociale klasse speelt een rol. In de hogere sociale klasse AB1 is het aandeel radio 60%. In de groep B2CD is dat 72%. De profielen per audiodomein bevestigen dit beeld. De gemiddelde radioluisteraar is 54 jaar. De gebruiker van muziekdiensten is gemiddeld 37 en de podcastluisteraar 41.
Weekend is het moment van on demand
Doordeweeks ligt het aandeel live radio stabiel tussen 66% en 70% van de luistertijd. In het weekend verschuift dat. Op zaterdag zakt radio naar 58% en stijgt het aandeel muziekdiensten naar 34%. Op zondag is de verhouding 62% tegen 29%. Ook over de dag heen volgt audio een vast ritme. Radio domineert overdag, muziekdiensten vormen een constante aanvulling.
De autoradio blijft overeind
Het bezit van de klassieke radio-installatie is sterk gedaald. In 2019 had nog 57% er een tot zijn beschikking, nu is dat 34%. Ook de wekkerradio levert in. De autoradio houdt goed stand. 61% heeft er een en 58% gebruikt hem om radio te luisteren. Daarmee is de auto het belangrijkste radiotoestel van Nederland. De smartphone volgt op afstand. Bijna iedereen heeft er een (91%), maar een derde gebruikt hem voor radio.
Wie radio via de smartphone of tablet luistert, doet dat meestal via de app of website van de zender zelf (64%). Verzamelapps met meerdere zenders winnen terrein, van 27% in 2024 naar 32% nu. De smartphone is vooral het apparaat van de muziekdiensten (49% van de luistertijd) en van podcasts (71%). Bij live radio is dat slechts 6%. Radio luisteren gebeurt ook nauwelijks met een koptelefoon. 94% van de radioluistertijd is zonder oordopjes of koptelefoon.
Betalen voor Spotify is de norm
Opvallend is de verdeling tussen gratis en betaald gebruik van muziekdiensten. Bij Spotify heeft 68% van de gebruikers een betaald abonnement. Bij YouTube Music is gratis gebruik juist de norm, slechts 18% betaalt daar. Betalende gebruikers hebben ook meer redenen om te luisteren. Zij gebruiken muziek vaker om hun stemming te verbeteren, zich te concentreren of sfeer te creëren.
Elk domein een eigen functie
NMO vroeg ook naar de motieven om te luisteren. Elke vorm van audio vervult daarbij een eigen rol. Live radio ondersteunt het dagelijkse ritme, met achtergrondgeluid, gezelligheid en nieuws. Muziekdiensten bieden een persoonlijke muziekbeleving. Podcasts staan voor kennis en verdieping. Luisterboeken bieden vooral ontspanning en een moment om aan de dagelijkse routine te ontsnappen.
Social media werken daarbij als etalage. 46% ziet weleens een radiofragment voorbijkomen. Van die groep gaat 46% daarna weleens naar de betreffende zender luisteren. Voor podcastfragmenten ligt die conversie nog hoger. Meer over podcasts in de Audiomonitor lees je op PodcastPortal.nl.
NMO stuurde ook nog een infographic mee met het rapport (klik om te vergroten):

Over het onderzoek
Voor de Audiomonitor 2026 vulden 5.377 respondenten uit het GfK Online Panel een vragenlijst in. Daarna hielden zij per kwartier hun luistergedrag van de vorige dag bij in een eDiary. Het veldwerk liep van 26 mei tot en met 9 juni 2026. Eerdere metingen vonden plaats in 2015, 2017, 2019 en 2024. Door een andere volgorde in het eDiary viel het gemeten gebruik van muziekdiensten kunstmatig laag uit. NMO heeft die cijfers daarom gecorrigeerd op basis van 2024 en externe bronnen. Dat raakt de cijfers over totaal bereik, luistertijd en dagpatroon.
